Schoenkeuze

Ruimte, demping en een stabiele hiel.

Een goede sportschoen lost de oorzaak van hielpijn niet automatisch op, maar pasvorm en ondersteuning kunnen wel verschil maken in comfort.

Heeft je kind last van de hiel tijdens of na het sporten, dan kijk je al snel naar de schoenen. Terecht, want een schoen die niet goed past of versleten is, kan klachten opvallender maken. Tegelijk is een schoen geen behandeling. Hieronder lees je waar je op let bij sportschoenen voor een kind met hielpijn of klachten die passen bij de ziekte van Sever.

Wat een schoen wel en niet kan doen

Bij de ziekte van Sever is de groeizone achter in de hiel gevoelig. Die gevoeligheid ontstaat door groei en herhaalde belasting, niet door één verkeerde schoen. Een goede schoen kan wel helpen om schokken bij landen en afzetten wat te verzachten en de hiel rustig op zijn plek te houden. Zie de schoen daarom als één onderdeel naast belasting doseren, herstel en waar nodig professioneel advies.

Stevige hielkap en demping onder de hiel

De hielkap is het achterste deel van de schoen dat om de hiel heen sluit. Knijp er met duim en vingers in: een goede hielkap geeft niet meteen mee en houdt zijn vorm. Zo schuift de hiel minder heen en weer bij draaien en afremmen. Let er wel op dat de bovenrand niet hard in de achillespees drukt.

Kijk daarnaast naar de zool onder de hiel. Een zool met wat demping vangt een deel van de impact op. Sommige kinderen vinden een schoen met een iets hogere, gedempte hiel prettiger dan een helemaal platte zool. Druk met je duim in de binnenkant van de hiel: voelt het hard en dun, dan is er weinig demping.

Lengte en breedte goed controleren

Kinderen weten zelf vaak niet goed of een schoen te klein is. Controleer daarom zelf, met je kind staand en beide schoenen aan.

  • Voor de langste teen is wat ruimte. Vaak wordt ongeveer een duimbreedte aangehouden.
  • De voet past in de breedte zonder dat de zijkant van de schoen uitpuilt.
  • De hiel blijft op zijn plek als je kind loopt of op de tenen gaat staan.
  • De schoen buigt mee bij de bal van de voet en niet midden onder de voetboog.
  • Er zijn geen rode drukplekken na een stukje lopen of rennen.

Kijk ook naar de voorkeur van je kind. Een schoen die technisch klopt maar niet lekker zit, wordt toch met tegenzin gedragen.

Passen: ’s middags en met sportsokken

Voeten zetten in de loop van de dag iets uit. Pas schoenen daarom bij voorkeur ’s middags of na school. Laat je kind de sokken dragen die het bij het sporten gebruikt, want dikke sportsokken nemen meer ruimte in dan gewone sokken. Neem ook een eventuele inlegzool of hielcup mee naar de winkel. Laat je kind in de winkel een stukje lopen, een paar keer afzetten en snel van richting veranderen.

De juiste schoen voor de sport

Elke sport vraagt iets anders van een schoen. Een schoen die past bij de ondergrond, geeft meer grip en stabiliteit.

  • Voetbal: voetbalschoenen hebben vaak een dunne zool met weinig demping. Kies noppen die passen bij het veld waarop je kind meestal speelt, zoals kunstgras of natuurgras. Lees meer over Sever en voetbal.
  • Hockey: hockeyschoenen zijn gemaakt voor kunstgras en veel draaien. Let op een stabiele hiel, omdat kinderen veel in een gebogen houding sprinten en afremmen.
  • Zaalsport: zaalschoenen hebben een platte zool met grip die geen strepen achterlaat. De demping verschilt per schoen, dus voel ook hier onder de hiel.
  • Hardlopen: hardloopschoenen hebben meestal meer demping. Ze zijn bedoeld voor rechtdoor lopen en geven minder steun bij zijwaartse bewegingen.

Versleten en te kleine schoenen vervangen

Kindervoeten groeien soms snel, waardoor een schoen die aan het begin van het seizoen goed zat, een paar maanden later te krap kan zijn. Controleer de lengte daarom regelmatig opnieuw, ook als je kind niet klaagt. Kijk ook naar slijtage: een ingezakte of scheef afgesleten zool, een hielkap die slap is geworden of demping die plat aanvoelt zijn signalen om de schoen te vervangen. Doorgeven aan een jonger broertje of zusje is handig, maar een schoen past zich aan de voet van de eerste drager aan.

Inlegzool of hielcup erbij: let op de ruimte

Een inlegzool of hielcup neemt ruimte in. In een krappe schoen kan de hiel daardoor hoger komen te staan en uit de hielkap schuiven, of gaan de tenen tegen de neus van de schoen drukken. Haal de bestaande binnenzool eruit als dat kan en als de instructies van de zool dat aangeven, en controleer de pasvorm daarna opnieuw. Een 3/4 zool laat de voorvoet meer vrij dan een volledige zool. De ZOL 3/4 inlegzolen zijn zo ontworpen; ze kunnen bij sommige kinderen comfort geven, maar zijn geen individueel aangemeten medisch hulpmiddel. Meer uitleg vind je bij inlegzolen bij de ziekte van Sever.

Wanneer naar een podotherapeut of arts?

Een podotherapeut kan naar de voetstand, het looppatroon en de schoenen van je kind kijken en adviseren of iets op maat zinvol is. Dat is vooral nuttig als de pijn blijft terugkomen ondanks passende schoenen en aangepaste belasting, of als je kind anders gaat lopen. Ga eerst naar de huisarts bij pijn in rust of ’s nachts, koorts, zwelling of roodheid, pijn na een ongeval, niet op de voet kunnen staan of pijn die steeds erger wordt.

Veelgestelde vragen

Is een duurdere sportschoen beter bij hielpijn?

Niet per se. Pasvorm, een stevige hielkap en voldoende demping zijn belangrijker dan de prijs of het merk.

Mag mijn kind op schoenen met noppen blijven voetballen?

Dat kan meestal, zolang de schoen goed past en de belasting is afgestemd op de klachten. Bij twijfel kan een fysiotherapeut of podotherapeut meekijken.

Hoe vaak moet ik de schoenmaat controleren?

Er is geen vaste regel. Controleer de pasvorm in ieder geval aan het begin van een seizoen en zodra je kind een groeispurt lijkt te hebben.

Past een inlegzool in elke sportschoen?

Nee. Sommige schoenen zijn te krap of hebben een vaste binnenzool. Pas de schoen daarom altijd samen met de zool.

Belangrijk

Deze pagina geeft algemene informatie en vervangt geen diagnose of persoonlijk advies van een arts, kinderfysiotherapeut of podotherapeut.

Bronnen